Kampen

DE HYGROMETER

Het instrument om de relatieve  vochtigheid van de lucht te meten is de hygrometer. Maar wat is relatieve vochtigheid?
In de lucht zit waterdamp. Die hoeveelheid wisselt steeds. In koude lucht kan maar weinig waterdamp; in warme lucht juist veel. Als er niet meer waterdamp in de lucht kan, dan is de lucht verzadigd met damp en condenseert de waterdamp: het wordt mistig.
De relatieve vochtigheid is de verhouding tussen de aanwezige waterdamp in de lucht en wat die lucht bij een bepaalde temperatuur kan bevatten in procenten. Dat klinkt best wel ingewikkeld. Een paar voorbeelden. Stel dat de hygrometer 20% aangeeft, dan is de lucht erg droog. Is het dan 30 graden dan lijkt het helemaal niet zo warm. Maar als de hygrometer 70% aangeeft bij 30 graden, dan is het benauwd. We zeggen dan dat het drukkend warm is. In huis wijst de meter meestal tussen de 40 en 60 % aan.
Hygrometers zijn erg nuttig. Denk maar aan een museum. Daar moet de luchtvochtigheid net als de kunst erg goed bewaakt worden. Ook in huis heeft het apparaat nut. Een te droge lucht in de kamer is niet gezond, maar is het te vochtig dan kan er schimmelvorming optreden.

Wie heeft de hygrometer uitgevonden? Als eerste uitvinder van de hygrometer wordt  Leonardo da Vinci genoemd. Maar of hij de uitvinder is, dat is niet helemaal zeker. In ieder geval was men er in die tijd in Italië mee bezig.  Ze gebruikten daarvoor een balans. Aan die balans hingen twee schaaltjes. In de ene zat een stukje spons en in de andere een materiaal wat geen water opnam. Werd de lucht vochtig dan nam de spons water op en werd zwaarder. Op de foto ziet u hoe zoiets werkt. 

 

 

Een echte hygrometer werd in 1783 uitgevonden door Horace Bénédict de Saussure. Dit was de haarhygrometer. Die werd daarna verbeterd en is ook nu nog te koop.  ( zie de bovenste foto) Een haar van mens of dier zet uit als ie vochtig wordt. Als je dat overbrengt op een schaalverdeling kun je de vochtigheid aflezen. Helemaal nauwkeurig is dit niet.  Modernere synthetische hygrometers zijn nauwkeuriger.

Hetzelfde systeem wordt gebruikt in weerhuisjes. Die zag je vroeger nog heel veel. Ik herinner me uit mijn jeugd dat mijn opa en oma er ook één hadden. Komt de man naar buiten dan gaat het regenen ( logisch) en de vrouw voorspelt  (natuurlijk) goed weer. Die weerhuisjes staan meestal binnen, maar daar werken ze natuurlijk  niet goed. 
Bij mijn grootouders hadden ze ook een mannetje waarvan de broek blauw was bij mooi weer en roze bij slecht weer. Ook dat werkt door de vochtigheid in de lucht. Ik weet nog wel dat ik dat heel fascinerend vond. 

De beste hygrometers zijn digitaal. Die gebruiken halfgeleider kristallen.
Er zijn ook hygrometers die het verloop van de relatieve  vochtigheid in een grafiek weergeven. Dat is de hygrograaf. Vaak gecombineerd met een thermograaf. Een thermo-hygrograaf dus.